Voeding is één van de factoren die de activiteit van genen kan beïnvloeden. Een kleine pilotstudie van de Universiteit van Helsinki mat voor het eerst via RNA-sequencing welke genen in de huid van honden anders actief waren na een dieetinterventie met rauw voer versus brokken. De bevindingen zijn verkennend.
Voeding die aansluit op de biologie van de hond
Rauwe eiwitten en vetten, geen ultra-processed koolhydraten
Genen en voeding: wat is de relatie?
Elk orgaan is voor zijn functie afhankelijk van welke genen actief zijn. Voeding is één van de factoren die kan bepalen welke genen aan of uit staan, naast genetica, omgeving en leeftijd. Eerdere studies bij muizen, ratten en mensen lieten zien dat dieetveranderingen kunnen leiden tot meetbare verschuivingen in genexpressie. Bij honden was dit voor de huid nog nooit onderzocht via RNA-sequencing.
Het is belangrijk te benadrukken dat veranderingen in genexpressie geen bewijs zijn voor betere huidgezondheid of een sterkere afweer. Ze geven aan dat bepaalde biologische routes anders actief zijn. De klinische betekenis van die verschuivingen vraagt om apart onderzoek.
Het onderzoek: Staffordshire Bull Terriers, brokken versus rauw
Anturaniemi et al. (2020) verdeelden acht Staffordshire Bull Terriers in twee groepen: vier honden kregen een commercieel brokkendieet (hoog in koolhydraten, laag in vet) en vier honden kregen een commercieel rauw vleesdieet (hoog in vet, laag in koolhydraten). Per groep waren twee honden atopisch en twee gezond. De interventie duurde 84 tot 147 dagen.
Huidbiopten werden voor en na de interventie afgenomen en geanalyseerd met RNA-sequencing. Beide diëten verschilden in twee opzichten tegelijk: de mate van verwerking én de macronutriëntenverhouding. Hierdoor is niet vast te stellen welke van deze factoren de gevonden genexpressieverschillen heeft veroorzaakt.
Anturaniemi et al., 2020 |
Frontiers in Veterinary Science, 7:552251 — Eerste RNA-seq studie naar het effect van voedingstype op genexpressie in de huid van honden. n=8 honden (pilot). DOI: 10.3389/fvets.2020.552251 |
Welke genen verschilden tussen de dieetgroepen?
In de rauw gevoede honden waren na de interventie 33 transcripten anders geactiveerd dan in de brokken gevoede honden. Acht van deze transcripten zijn geannoteerd in het hondengenoom. Alle acht waren hoger geactiveerd in de rauw gevoede groep. De studie mat uitsluitend RNA-expressie en geen klinische verbetering van huidgezondheid of atopie.
IGHM, IGLL5 en CD79B zijn betrokken bij B-cellen en de adaptieve immuniteit. Hogere expressie hangt samen met routes voor de aanmaak van immunoglobulinen en lymfocytenproliferatie.
PIGR is een transporteiwit voor immunoglobulinen naar het slijmvliesoppervlak en wordt in verband gebracht met barrièrefuncties van epitheelweefsel. De functionele betekenis voor de hond in deze context is niet vastgesteld.
SLPI was hoger geactiveerd in de rauw gevoede honden. In eerdere studies bij atopische honden was SLPI juist lager. De hogere expressie in deze studie is mogelijk relevant, maar de studie toont geen bewezen versterking van de huidbarrière.
CBS en ASS1 zijn betrokken bij glutathion-gerelateerde metabole routes. De studie mat geen oxidatieve stress bij de honden; conclusies over stress-reductie kunnen hieruit niet worden getrokken.
MRRF speelt een rol bij mitochondriale ribosoomrecycling. De functionele betekenis van hogere expressie in de huidcontext blijft onzeker.
De studie mat uitsluitend RNA-expressie in een klein aantal honden. Transcriptieveranderingen zijn een interessante aanwijzing, maar geen bewijs voor betere huidgezondheid, sterkere afweer of verminderde atopie. De klinische relevantie van de gevonden verschuivingen is onbekend.
Wetenschappelijk eerlijk
Dit is een pilotstudie met slechts acht honden, waarvan vier atopisch. De kleine steekproef beperkt de statistische kracht. De diëten verschilden tegelijk in verwerking en macronutriëntenverhouding, waardoor de oorzaak van de genexpressieverschillen niet kan worden vastgesteld. De studie was niet geblindeerd en de honden leefden in hun thuisomgeving, waardoor andere factoren niet zijn uitgesloten. Grotere, beter gecontroleerde studies met klinische eindpunten zijn nodig voor interpreteerbare conclusies.
Wolfork en het onderzochte voedingsprofiel
Het rauwe dieet in de studie was onbewerkt, hoog in dierlijke eiwitten en vetten en laag in koolhydraten. Wolfork heeft een vergelijkbaar voedingsprofiel. Op basis van deze studie kan niet worden geconcludeerd dat Wolfork dezelfde genexpressieveranderingen teweegbrengt als het dieet in de studie, of dat Wolfork de huidgezondheid verbetert.
De bevindingen zijn interessant als verkenning van de vraag hoe voeding op moleculair niveau de huid kan beïnvloeden. Ze rechtvaardigen vervolgonderzoek met grotere aantallen honden en klinische eindpunten.
Wat dit in de praktijk betekent
In deze pilotstudie werden verschillen in genexpressie in de huid gevonden tussen honden op een rauw dieet en honden op brokken. Alle acht annoteerde genen waren hoger actief in de rauw gevoede groep, en zijn betrokken bij routes voor immuniteit en metabolisme. De studie mat uitsluitend RNA-expressie, geen klinische verbetering van huidgezondheid of atopie. De kleine studieomvang en het gelijktijdige verschil in verwerking en macronutriënten maken oorzakelijke conclusies niet mogelijk. Vervolgonderzoek met grotere aantallen en klinische eindpunten is nodig.
Rauw voer met een voedingsprofiel vergelijkbaar met de studie
Onbewerkt, hoog in dierlijke eiwitten en vetten
Bron
Anturaniemi, J. et al. (2020). The Effect of Atopic Dermatitis and Diet on the Skin Transcriptome in Staffordshire Bull Terriers. Frontiers in Veterinary Science, 7:552251. DOI: 10.3389/fvets.2020.552251
Reacties (0)
Er zijn geen reacties voor dit artikel. Wees de eerste die een bericht achterlaat!